Roofs 2007-11-26 Een dakbegroeiing is (g)één (bouw)werk(?)!

Begin dit jaar is in dit blad een artikel gepubliceerd over CE-markering en gebruiksdaken(1). Dit artikel heeft het nodige (fijn)stof doen opwaaien, niet alleen in de branche, maar ook bij de VROM-Inspectie die verantwoordelijk is voor de handhaving in deze. In de Cobouw van 11 juli 2007 is uitvoerig verslag gedaan vn de plannen van de VROM-Inspectie om handhavend op te treden.

Mr. S.M. Droog,
Hoofd onderzoek & ontwikkeling Nophadrain Groendaksystemen

Nico Scholten,
Expert Stichting Expertisecentrum Regelgeving Bouw

 Ook de vakgroep Dak- en Gevel­begroeiing (DGS) van de Vereniging van Hoveniers en Groenvoorzieners (VHG) heeft zich middels een open brief(2) in de discussie geroerd. Bij monde van haar voorzitter stelt men dat CE-markering niet van toepassing is op drainagesystemen in dakbegroeiingsystemen. De NEN EN 13252 – “Geotextiel en aan geotextiel verwante producten – Vereiste eigenschappen voor toepassing in drainagesystemen” is volgens de vakgroep slechts geschreven voor drainagesystemen in verticale toepassingen (zoals kelder- en keermuren, tunnelbouw, etc.). Verder is de vakgroep van mening dat er onduidelijkheid bestaat over CE-markering. Maar is CE-markering nu echt onduidelijk ?

CE-markering is gebaseerd op de Richtlijn Bouwproducten 89/106/EEG en in Nederland geïmplementeerd op grond van artikel 120 van de Woningwet(3). Op basis van deze Richtlijn worden door de Europese Commissie o.a. aan de CEN/CENELEX (Comité Européen de Normalisation) mandaten verstrekt voor het opstellen van technische specificaties voor productgroepen – de zogenaamde geharmoniseerde EN-normen.
In Nederland is de verplichting tot toepassing van de CE-markering via artikel 120 Woningwet in het Bouwbesluit 2003 opgenomen.

Het Bouwbesluit 2003 stelt in artikel 1.8 lid 1 het volgende:
“Het is verboden een bouwproduct in de handel te brengen, waarvoor overeenkomstig de Richtlijn Bouwproducten is vastgesteld dat het een CE-markering moet dragen, indien dat product:

  • niet zodanige eigenschappen bezit dat het bouwwerk waarin het is verwerkt, gemonteerd, toegepast of geïnstalleerd, kan voldoen aan de fundamentele voorschriften als bedoeld in artikel 3 van de richtlijn bouwproducten, of
  • niet is voorzien van de daarop betrekking hebbende CE-markering.“

De vraag die men kan stellen is, en wat mij betreft niet ten onrechte, of de verplichting tot CE-markering alleen van toepassing is op producten die worden verwerkt in bouwwerken? Een daktuin kan men toch moeilijk als bouwwerk kwalificeren!

Artikel 120 Woningwet bepaalt dat “voorschriften kunnen worden gegeven met het oog op de nakoming van voor Nederland verbindende internationale verplichtingen die betrekking hebben op of samenhangen met onderwerpen waarin bij of krachtens de Woningwet is voorzien”.

Zo kan artikel 120 worden gebruikt voor voorschriften voor werken waarop de Woningwet niet van toepassing is. Hiervan is bijvoorbeeld sprake op het terrein van de grond- weg- en waterbouw (een daktuin/dakbegroeiing). Voor het “bouwen” of beter gezegd het aanleggen van zulke werken is geen bouwvergunning in de zin van de Woningwet vereist, maar in de regel een aanlegvergunning in de zin van de Wet op de Ruimtelijke Ordening.

Artikel 1.8 van het Bouwbesluit 2003 is gebaseerd op artikel 120 Woningwet. Dit betekent dat dit artikel niet alleen slaat op producten die worden verwerkt in een bouwwerk in de zin van de Woningwet, maar op alle producten die vallen onder de Richtlijn Bouwproducten.

In de Richtlijn Bouwproducten worden bouwproducten gedefinieerd als voor de bouw bestemde producten die worden vervaardigd om blijvend deel uit te maken van bouwwerken. Bouwwerken zijn volgens deze Richtlijn, in tegenstelling tot de Woningwet, niet alleen gebouwen maar ook kunstwerken (grond-, weg- en waterbouw) en worden in de Richtijn werken genoemd (artikel 1 lid 1 en 2 Richtlijn Bouwproducten). Kortom, ook een dakbegroeiing wordt volgens de Richtlijn Bouwproducten aangemerkt als een (bouw)werk, waardoor de producten die in een dakbegroeiing worden verwerkt onderworpen zijn aan de voorschriften van de Richtlijn.

Nu wij hebben vastgesteld dat een dakbegroeiing een werk is, als bedoeld in de Richtlijn Bouwproducten en deze Richtlijn via artikel 120 van de Woningwet juncto artikel 1.8 van het Bouwbesluit 2003 in Nederland is geïmplementeerd, dienen de producten die worden verwerkt in een dakbegroeiingsopbouw CE-gemarkeerd te worden indien overeenkomstig de Richtlijn Bouwproducten is vastgesteld dat deze producten een CE-markering moeten dragen.

Een opbouw van een dakbegroeiing bestaat uit de volgende functielagen welke op de dakbedekkingconstructie worden aangebracht: een wortelwerende laag (deze kan tevens de dakbedekking zijn) een drainagelaag, bestaande uit een waterafvoerende laag en een filterlaag, de vegetatiedragende laag (ook wel de substraatlaag genoemd) en uiteindelijk de vegetatielaag, de beplanting.

Op grond van de Richtlijn Bouwproducten moeten de in de opbouw gebruikte geotextielen en aan geotextiel verwante producten in het drainagesysteem zijn voorzien van CE-markering (Richtlijn Bouwproducten – EN 13252 – “Geotextiel en aan geotextiel verwante producten - Vereiste eigenschappen voor toepassing in drainagesystemen”).

De EN 13252 vindt haar basis in het mandaat M/107 “Geotextielen” dat de Europese Commissie heeft gegeven aan de CEN/CENELEC. In dit mandaat gaat het om geotextielen en aan geotextiel verwante producten, welke worden toegepast onder andere in wegen, spoorwegen, funderingen en muren, en drainagesystemen. Bij drainagesystemen wordt in het mandaat geen beperking genoemd waar deze drainagesystemen worden toegepast (horizontaal – dakbegroeiing/verticaal – kelder- of keermuur).

Wanneer in een dakbegroeiingsopbouw een drainagesysteem wordt toegepast dienen de producten die de drainagelaag vormen CE-gemarkeerd te zijn. Dit is het geval bij de filtervliezen (geotextielen) en de gevormde kunststof noppenplaten (eierdopstructuren – de waterafvoerende laag). Deze beide lagen kunnen als sandwichelement (geokomposiet) of los worden aangebracht waarbij dan zowel het filtervlies (geotextiel) als de eierdopstructuren/noppenplaten (geospacers) van het CE-merkteken moeten zijn voorzien.

Hoe vreemd het ook moge klinken, CE-markering van producten die worden gebruikt in dakbegroeiingsystemen is op zich niets nieuws. In de SBR/FLL Dakbegroeiingsrichtlijn 2006 wordt duidelijk aangegeven dat geotextielen die worden gebruikt als filterlaag en de kunststof drainagebanen en kunststofdragers van geotextielen (noppenfolies) die worden toegepast in drainagesystemen moeten zijn voorzien van CE-markering. Hetzelfde wordt gesteld in de onlangs herziene SBR publicatie “Daken in ’t Groen” (2007). Een lezenswaardige publicatie.  Aan beide publicaties is volgens het colofon meegewerkt door de Vereniging van Bouwwerkbegroeners (VBB) en de vakgroep Dak- en Gevelbegroeiing (DGS).

Van een onduidelijkheid omtrent CE-markering van drainagesystemen in een dakbegroeiingsopbouw kan in het licht van het voorgaande moeilijk sprake zijn.

 

(1) Roofs Januari 2007 – Zonder CE-markering géén gebruiksdak! – mr. S.M. Droog.
(2) Cobouw 17 juli 2007 – Ingezonden brieven.

(3) Stb. 1991, 680, 1994, 829 en 207, 439). Weliswaar had dit ook gemoeten op grond van Stb. 2001, 410, maar dat besluit is in zijn considerans als slordig aan te duiden omdat de artikel 3, 5, 6 en 120 van de Woningwet abusievelijk ontbreken.
(4) Official Journal of the European Communities 2001-06-26 C 180, 2005-06-08 C 139 en 2005-12-14 C 319).

 

Reacties artikel
Voor een volledige weergave van de discussie volgt op deze pagina de ingezonden brief die "Vakgroep Dak- en Gevelbegroening afgelopen zomer in Cobouw publiceerde, en een reactie van Henk Vlijm van Optigroen op het voorgaande artikel van Stephan Droog en Nico Scholten.

Ingezonden brief Cobouw:
‘Woede over verzoek tot handhaving CE-markering’
Naar aanleiding van het artikel 'Woede over verzoek tot handhaving CE-markering' in Cobouw,  11 juli 2007 (nummer 130) vragen wij als vakgroep Dak- en Gevelbegroening van branchevereniging VHG graag voor het volgende uw aandacht. De VHG Vakgroep DGS is een onafhankelijke vakgroep die de belangen behartigt van alle bedrijven die zich bezighouden met dak- en gevelbegroening. Het mag duidelijk zijn dat de vakgroep voorstander is van het ontwikkelen van kwaliteitsrichtlijnen, normen, certificeringen en de handhaving daarvan. Dit alles om de kwaliteit van het product en de markt verder te verhogen en waar nodig te professionaliseren. De vakgroep heeft dit in het verleden duidelijk laten blijken door de actieve medewerking en ontwikkeling van bijvoorbeeld de BRL dak- en gevelbegroening van het kwaliteitskeurmerk Groenkeur, Daken in het groen van SBR, de FLL vertaling, het ontwikkelen van cursussen in samenwerking met BDA en het opstarten van onderzoeken. De discussie moet gaan over de essentie, namelijk dat er onduidelijkheid is over de normering van CE-markering van dakbegroeiingsystemen. De vakgroep betreurt het ten zeerste dat door oneigenlijk gebruik te maken van een Ce-markering, die geldt voor drainagesystemen in verticale toepassingen, het imago van daktuinen en vegetatiedaken mogelijk schade oploopt. De vakgroep is van mening dat de ontwikkeling van het ontbrekende stuk binnen de normering aangepakt moet worden om het vak op een professionele manier verder te ontwikkelen. De VHG Vakgroep DGS speelt graag een voortrekkersrol om als onafhankelijke partner deze discussie richting de politiek te voeren.

Namens het Bestuur van de VHG Vakgroep DGS,  Hans van Cooten, voorzitter.

 

Wat vindt Optigroen van het thema CE-markering?
Als één van de wereldmarktleiders op het gebied van dakbegroeiing en daktuinen, houden wij uiteraard de markt in de gaten en hebben wij ook kennis genomen van het thema CE-markering.

Onduidelijkheden:
Optigroen is  voorstander van duidelijke wetgeving en richtlijnen inzake dakbegroeiing, echter dient er nog zeer veel onderzocht te worden alvorens iemand roept dat CE-markering zondermeer verplicht is. De commissies welke verantwoordelijk waren voor het opstellen van genoemde EN-normen hebben nooit de intentie gehad deze normen te laten gelden voor dakbegroeiing, anders hadden zij dit duidelijk en helder vernoemd. Wij hebben onze producten, waarbij geen twijfel is dat deze voorzien moeten zijn van een markering, dan ook voorzien van deze CE-markering.

Ter afsluiting nog dit:
De testwaarde (waterafvoer) die in de DIN 4095 en de NEN-EN 13252 worden weergegeven gaan over verticale waterafvoer. Dus men gaat CE-markering aanvragen op iets wat alleen verticaal getest moet worden, terwijl dit geen relevante waarden geeft omdat het niet verticaal toegepast kan worden!

Dhr. H.G. Vlijm, Commercieel Directeur Optigroen Benelux

Wilt u deze tekst in opgemaakte vorm lezen met foto's, klik dan deze link aan, dan ontvangt u de tekst in een PDF bestand. 



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam