Roofs 2007-11-03 Sinterklaas spreekt zich uit

Het horizontale vlak, dat het platte dak doorgaans is, wordt steeds meer gebruikt voor andere doeleinden. Parkeren of recreëren op een dak zijn nog bescheiden voorbeelden van meervoudig dakgebruik. Het duurt niet lang meer, of u kunt op uw dak ook boswandelingen maken, op survivaltocht, uw jacht aanleggen of (natuurlijk in het gezelschap van dames in bikini) de blits maken met uw speedboat. Onlangs werd hiervoor de term ‘daktransitie’ geïntroduceerd. Wij vroegen de dakspecialist bij uitstek, Sinterklaas, naar zijn mening over de recente ontwikkelingen.

Na druk overleg met de pr-afdeling van December Festivities (een fusie van Sinterklaas bv en het Amerikaanse Happy Christmas Enterprises) hebben wij een ontmoeting met Sinterklaas weten te regelen. Het gesprek vindt plaats op de stoomboot tussen Spanje en Nederland, en vanwege de zeeziekte waar Sinterklaas al decennialang aan lijdt (“Als ik alleen al water zie, dan word ik misselijk!”) hebben wij plaatsgenomen in een klein donker kamertje in het ruim. Sinterklaas zit in zijn alledaagse tenue (maatpak, stropdas) tegenover ons. “Dat Sinterklaaspakje gaat pas aan als we ter hoogte van Oostende varen,” legt de Sint zijn outfit uit. “Als de mensen folklore willen, dan geven we ze folklore. Wie ben ik om met de traditie te willen breken?”

Als er iemand is, die het daklandschap heeft zien veranderen, dan is het Sinterklaas. We vragen hem wat hij, als dakspecialist bij uitstek, van de veranderingen vindt. “Wat een onzin, de bewering dat ik ‘dakspecialist bij uitstek’ zou zijn,” dondert Sinterklaas nog voor wij een slok van onze chocolademelk hebben kunnen nemen. “Ik loop er alleen overheen! Zijn automobilisten wegspecialisten bij uitstek? Zijn zwemmers waterspecialisten bij uitstek? U bent van het vakblad Roofs, zegt u, het vakblad voor de dakenbranche! Als er iemand dakspecialist bij uitstek is, dan bent u het wel, en anders kent u genoeg dakspecialisten bij uitstek die u een beter antwoord op uw vraag kunnen geven dan ik!”

Wij stamelen dat het ons nu juist zo aardig leek de mening te horen van iemand buiten de dakenbranche die dagelijks zijn werk op het dak uitvoert. Dit weet de goedheiligman niet echt te kalmeren. “Mijn mening? U wil mijn mening horen? Het enige dat ik weet is dat al die gekkigheid voor mij een hoop extra kosten met zich mee brengt. Toen ik begon in deze business had ik alleen een paard, een jutezak en een paar pietjes. Tegenwoordig kan ik mijn pieten niet meer zonder zwemvest en kapmes het dak opsturen. Vorig jaar ging er geen dag voorbij of ik moest weer een pietje uit een waterdak vissen. Menigeen verdwaalde ook in de wildernis.”

“Dit heeft natuurlijk ook gevolgen voor de looneisen van mijn personeel, en de premies van hun verzekeringen. En als het nu nog eens wat opleverde, maar nee hoor! Goed personeel is nauwelijks meer te krijgen! Op piekdagen zie ik me vaak gedwongen zelf weer de jutezak ter hand te nemen, mijzelf zwart te schminken en op een dak rond te springen om kinderen de stuipen op het lijf te jagen. En de pieten die ik in dienst heb, voeren niets uit! Liever besteden ze hun tijd aan eeuwige discussies als: valt een daktuin onder de bouwregelgeving, of onder de Flora- en Faunawet? Struikel je liever over een dakanker dat aan de dakbedekking vast zit, of aan de ondergrond? Wat loopt voordeliger: een witte of een zwarte dakbedekking? Ik ben sommige pieten soms hele dagen kwijt omdat ze op een waterdak aan het snorkelen zijn.”

“En wat te denken van de faalkosten!” raast hij door. “De situatie op het dak is er immers niet duidelijker op geworden. Meerdere malen hebben wij onze pakjes door de hemelwaterafvoer gegooid. Of gooiden we ze wel door de schoorsteen, maar bleek er een garage onder te liggen. Of waren wij gedwongen de pakketjes in de veilige zone te laten liggen. Nee, geef mij maar de goeie oude tijd, toen ik nog gewoon met mijn schimmel en een paar Pieten op de nok van een hellend dak balanceerde, even luisterde aan de schoorsteen of er een liedje gezongen werd en de cadeautjes naar beneden gooide. Schrijft u dit maar op, meneer de journalist: daktransitie, het is voor de cadeautjesbranche een grote ramp!”

Wij informeren of de samenwerking met Vebidak en BDA door December Festivities, via de branchevereniging VHPKK (Vereniging voor Hulp Pieten, Klazen en Kerstmannen, zie ook de decembercolumn van vorig jaar door onze medewerker Theo Wiekeraad), al gestalte heeft gekregen. “Jawel,” antwoordt de Sint. “Maar deze samenwerking heeft met name tot doel dat mijn personeel niet struikelt over de diverse lijnsystemen, en dat ook wij gebruik maken van de diverse veiligheidsvoorzieningen. Maar op het gebied van de gebruiksdaken is er nog weinig geregeld. Op dit onderwerp is er overigens een duidelijke scheiding waarneembaar tussen de Sinterklazen en de Kerstmannen. De Kerstman voelt zich met zijn rendieren prima thuis tussen al dat groen op het dak: men pleit zelfs voor het planten van dennenbomen op de daken. Waterdaken worden gedoogd, mits bevroren. De Klazen zijn tegen elke vorm van daktransitie en willen weer terug naar de situatie van vóór de professionalisering van de branche, toen het dak nog gewoon een dak was. Waterdaken zijn, zoals u begrijpt, helemaal uit den boze, vanwege mijn zeeziekte.”

Wij zetten een streep onder onze aantekeningen en besluiten de Sint met een welgemeend ‘Fijne feestdagen’ alleen in zijn kamertje in het ruim te laten zitten. Het sein dat we Oostende naderen heeft al geklonken, en we kunnen ons prettigere uitzichten voorstellen dan een Sinterklaas in zijn onderbroek. Op zijn beurt wenst Sinterklaas ook ons en onze lezers het beste met de feestdagen en het nieuwe jaar. “Zegt u maar tegen uw lezers dat wij alles goed en wel vinden op het dak, al bouwt u er een hele kermis op. Maar niet in december, want dan is het dak van ons.”

Edwin Fagel



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam