Roofing Holland 1997-02-22 Willem Vermeend: een snelle jongen onder de wetgevers anno 1996

In een razend snel tempo heeft Staatssecretaris Willem Vermeend fiscaal Nederland opgeschrikt met zijn nieuwe fiscale wetgeving. Alles moet ingaan op 1 januari 1997. In dit artikel in vogelvlucht een overzicht van de meest saillante punten uit de Vermeend-wetgeving. In de volgende nummers kunnen we dan wat dieper op deze wetgeving ingaan.

Ten tijde van het schrijven van dit artikel is het wetgevingsproces van de onderscheiden wetten nog niet geheel afgerond. De Eerste Kamer moet zijn fiat nog geven. Maar niemand twijfelt eraan dat Vermeend ook die instantie met vlag en wimpel weet te overtuigen.

 

Waar gaat het nu allemaal om?

Drie nieuwe wetten moeten op 1 januari 1997 in werking treden:

  1. Een regeling die 'winstdrainage' in de vennootschapsbelasting wil voorkomen, met daarbij een verbetering van de 'fiscale infrastructuur'.
  2. Een wijziging van de regeling voor aandeelhouders in B.V.'s en N.V.'s, en een beperking van de rente-aftrek in de consumptieve sfeer.
  3. Een regeling ter beperking van de administratieve lasten voor het bedrijfsleven.

Laten we deze nieuwe wetten stuk voor stuk eens globaal nagaan.

 

Winstdrainage/fiscale infrastructuur

In de loop van de jaren ergerde de fiscus zich steeds meer aan de constructies die werden bedacht om via rente-aftrek bij Nederlandse B.V.'s en N.V.'s de belastbare winst in Nederland te beperken (winstdrainage). De hier betaalde rente was immers aftrekbaar van de winst.
Maar als die rente dan naar het buitenland ging, kon de Nederlandse fiscus daar geen belasting over heffen. Daarom verzon Vermeend iets. In bepaalde gevallen kan de rente die aan een 'rechthebbende' of een verbonden lichaam wordt betaald, niet als aftrekpost op de belastbare winst in mindering worden gebracht.
En in andere gevallen (binnen zogenaamde fiscale eenheden) mag die rente pas na 8 jaar, en dan nog slechts in kleine delen, ten laste van de winst worden gebracht.
En dit kan hier en daar tot grote problemen leiden. Ook reeds bestaande situaties per 1 januari 1997 worden erdoor getroffen. En wie dacht dat alleen 'constructies' waarbij rente naar het buitenland gaat, erdoor worden getroffen, komt bedrogen uit: ter vermijding van discriminatie moeten de maatregelen ook in binnenlandse verhoudingen werken. Hoewel er een overgangsregeling is die in bepaalde situaties matigend werkt, vormen de rente-maatregelen in vennootschapsland toch een enorme beperking bij de noodzakelijke herstructureringen en de interne financiering van bedrijven met een holdingstructuur.
Vermeend staat erom bekend dat hij in z'n wetsontwerpen 'goed nieuws en slecht nieuws' stopt. Het slechte nieuws hebben we net genoemd. Het goede nieuws moet zijn 'de versterking van de fiscale infrastructuur'.

 

Wat is dat nu weer?

Hierbij gaat het om maatregelen die een zekere (tijdelijke) belastingverlichting meebrengen. Als belangrijkste noem ik hier:

  • Afwaardering van verlieslijdende deelnemingen. Men kan hierdoor (tijdelijk) een fiscale aftrekpost verkrijgen die thans nog niet geldt.
  • Het vormen van een risicoreserve voor financieringsrisico's. Ook hier vindt verschuiving van belastingverplichtingen naar de toekomst plaats. De regeling geldt overigens alleen voor internationaal opererende concerns.

Aanmerkelijk belang/aandeelhouderspositie

Aandeelhouders in B.V.'s en N.V.'s kennen het begrip 'aanmerkelijk belang' wel. Als je samen met bepaalde familieleden 33 1/3% of meer van de aandelen bezit, heb je zo'n aanmerkelijk belang.
En dat heeft dan gevolgen als je die aandelen verkoopt. Dat kost 20% inkomstenbelasting. Deze regeling heeft altijd nogal problemen gegeven. Niet in het minst door al het gedoe met 'kasgeldvennootschappen', waardoor je het risico liep dat je geen 20%, maar 45% inkomstenbelasting moest betalen bij verkoop van de aandelen.
Het goede nieuws hier is dat risico's als kasgeldvennootschap vanaf 1997 verdwenen zijn en dat men nu ook al 'tijdens de rit' tegen een gematigd tarief geld uit de B.V. kan nemen.
Het slechte nieuws is natuurlijk dat het tarief voor 'winst uit aanmerkelijk belang' van 20% naar 25% gaat, en tevens dat men nu al een 'aanmerkelijk belang' heeft (vanaf 1 januari 1997 dus), als men 5% of meer bezit van de aandelen. Een enorme uitbreiding dus van de groep van aanmerkelijk-belangaandeelhouders.
De gehele regeling van het aanmerkelijk belang is opnieuw opgezet. Ik kan op alle details nu niet ingaan.
Maar ook verder heeft men de aandeelhouder die een aanmerkelijk belang heeft (5% dus straks) bepaalde verplichtingen opgelegd: hij mag niet meer gratis in de zaak werken, mag z'n geld niet renteloos aan de zaak uitlenen en mag ook geen onroerend goed gratis aan de zaak verhuren, alles dus ook ingaande 1 januari 1997. Alle handelingen met de B.V. moeten op zakelijke basis en tegen 'marktconforme prijzen' plaatsvinden.

Niet alleen voor aandeelhouders maar voor iedereen geldt verder dat alleen rente die verband houdt met een 'bron van inkomen', fiscaal geheel aftrekbaar is. Rente die niet op een bron van inkomen betrekking heeft, de zogenaamde consumptieve rente is slechts tot een maximum bedrag per jaar aftrekbaar.
Dat maximum wordt in 3 jaar afgebouwd van fl. 20.000 naar fl. 10.000 (per echtpaar).

 

Beperking administratieve lasten

Hier zou men heel wat van denken. Maar het resultaat valt tegen. Om te beginnen moet deze operatie 'fiscaal neutraal' verlopen. Dat betekent dat het de Staat niets mag kosten.
Enerzijds (het goede nieuws) zien we dat de niet-aftrekbaarheid van de Oort-kosten van 75% naar 90% gaat, waarbij enkele posten zelfs weer voor 100% aftrekbaar worden, maar echt royaal is het niet. En de administratieve verplichtingen verminderen er niet echt door.
Wel kan men hier opteren voor een correctie van in totaal fl. 3.000 per jaar, maar dat is lang niet voor iedereen interessant.
Anderzijds (het slechte nieuws) pakt de fiscus de 'besparingen' weer af door een verscherping van de regeling van de heffingsrenten: de drempeltijdvakken (15 maanden) voor de inkomstenbelasting, de vennootschapsbelasting en de vermogensbelasting komen te vervallen. In theorie kan men daardoor ook meer heffingsrente ontvangen, maar over het geheel genomen is de Staat hier de grote begunstigde van deze nieuwe regeling.
Verder zijn er nog wat incidentele aanpassingen zoals een korting op een voorlopige aanslag, die men ineens betaalt, wat ruimere aftrek voor verhuiskosten, een wat gunstiger regeling voor door de werkgever beschikbaar gestelde computers, etc., maar ook een beperking van het begrip 'werkkleding' en 'kantoorruimte', en last but least een voor de fiscus gunstiger omschrijving van het begrip 'loon in natura', etc.
Al met al wel weer veel wijzigingen, maar geen vereenvoudigingen om over naar huis te schrijven.

 

door: Mr. A. Harlaar



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam