Roofs 2011-03-06 Sneeuwpret of overlast

Dit is artikel nummer 9 van een artikelenserie, waarin de werkmethode van de dakingenieur bij veel voorkomende dakvraagstukken wordt belicht. Het volledige traject, van inspectie, analyse, conclusies en advisering wordt besproken. In de artikelenreeks wordt, ter lering en vermaak, steeds gekozen voor actuele en/of informatieve dakvraagstukken.

ing. J.M. Bruins
DGI Dak & Gevel Ingenieurs BV

2010 is het koudste jaar in vijftien jaar met veel sneeuw maar ook veel zon en een warme zomer (Bron: ANP/KNMI)

Vrijwel dagelijks sneeuw

Vrijwel de hele maand december 2010 was de bodem in een groot deel van ons land bedekt met sneeuw. Er viel zelfs heel veel sneeuw in korte tijd, vooral op 17 december toen het KNMI de weerwaarschuwingen opschaalde naar het hoogste niveau (code rood). In de Randstad en in Zeeland was de sneeuwval zeer intensief en er viel op een aantal plaatsen circa 20 cm. De dagen daarna viel er opnieuw veel sneeuw, vooral in een strook over het midden van het land.

Opmerkelijk was ook de langdurige sneeuwval op 23 en 24 december in het zuidoosten van het land. Op veel plaatsen viel in ruim vierentwintig uur 5 tot 10 cm waardoor het reeds bestaande sneeuwdek verder aangroeide. De sneeuw die viel en die er al lag veroorzaakte veel overlast, vooral omdat de wind ook toenam (Bron: KNMI).

Sneeuwpret en overlast bleken dicht bij elkaar te liggen, toen lokaal sneeuwdiktes op de daken werden gemeten oplopend van 200 tot 470 mm1. De daken bleken niet berekend (letterlijk en figuurlijk) op de aanwezige sneeuwbelasting.

De dagen na 24 december zijn er meerdere dakschades geweest, variërend van bouwkundige schade door niet voorziene doorbuiging van de staalconstructie tot volledige instorting van gebouwen en/of gebouwdelen.

Beter voorbereiden op sneeuw

Het is duidelijk dat we ondanks ervaringen in 2005 (toen meer dan 150 gebouwen geheel of gedeeltelijk zijn bezweken onder een sneeuwlast) nog steeds niet goed voorbereid zijn op serieuze sneeuwval.

In de navolgende tabel is inzichtelijk gemaakt voor een bedrijfshal (met een referentietijd van 15 jaar) waarmee uit het oogpunt van bouwregelgeving qua sneeuwlast rekening wordt gehouden:

NEN 3850                 : 420 mm1
NEN 6702                 : 364 mm1
NEN-EN 1991-1-1   : 300 mm1

Norm

SG 200 kg/m3  

Laagdikte mm

Belasting factor

Max toelaatbaar mm

In gewicht (SG 200)  kg/m3

NEN 3850

56 kg

280

1,5

420

84

NEN 6702

56 kg

280

1,3

364

72,8

NEN-EN 1991-1-1

56 kg x 0,7 ref. tijd 15 jaar

200

1,5

300

60

Met de vaststelling dat dakconstructies in Nederland gemiddeld genomen op de ondergrens van de in de bouwregelgeving geformuleerde eis worden ontworpen en samengesteld, moet geconcludeerd worden dat met de onderhavige sneeuwval de grenzen van wat onze daken kunnen dragen bereikt worden.

Als gebouweigenaar of gebruiker kun je het gegeven dat daken dus niet oneindig te belasten zijn op verschillende wijzen beschouwen. De praktijk leert dat er pas echt serieus gekeken wordt naar ‘wat kan ons dak aan’ als er praktijkervaring is opgedaan met schade. Het spreekwoordelijke paard wordt nog steeds achter de wagen gespannen.

Voorbereiding

Wanneer echter vooraf in kaart gebracht wordt wanneer (bij welke sneeuwlaagdikte), op welke wijze en met welke randvoorwaarden sneeuwverwijdering van de daken kan plaatsvinden, worden dakinstortingen en/of aanverwante schades voorkomen.

Een protocol sneeuwverwijdering zou bij iedere platdak eigenaar of gebouwgebruiker op de plank moet liggen.

 Doelstelling sneeuw verwijderen

Het tijdig verwijderen van sneeuw voorkomt, in de op zichzelf uitzonderlijke situatie, dat de daken door sneeuwbelasting:

  1. dermate zwaar belast zijn dat evacuatie noodzakelijk is door het ontstaan van een onvoldoende veiligheidsniveau;
  2. dermate zwaar belast worden dat deformatie en uiteindelijk een schade of een dakinstorting ontstaat.

Een eerste protocol sneeuwverwijdering geeft een voldoende theoretisch inzicht in de sneeuwproblematiek. Het protocol zal op basis van praktijkervaringen bijgesteld en definitief gemaakt kunnen worden. Het onderstaande protocol is een toegepast protocol afgestemd op een specifieke situatie, waarbij bekend was dat het dak nog aan constructieve modificatie onderhevig was.

Protocol

De navolgende acties zijn voorzien bij een gemeten sneeuwdikte op alle daken van:

Laagdikte sneeuwx

Actie

-

Voorbereiden wintersituatie

≤ 100 mm1

Geen

≥ 100 mm1

Aanvang sneeuw verwijderen (middels gebruik dooikorrels) bij sneeuwverwachting

≥ 150 mm1

Aanvang sneeuw verwijderen (afvoeren sneeuw handmatig & machinaal) bij sneeuwverwachting

≥ 100 mm1  ≤ 250 mm1

Sneeuw blijven verwijderen tot een niveau  ≤ 100 mm1

≥ 250 mm1

Ontruimen

x Uitgangspunt bij de bepaling van de laagdikten is een soortelijk gewicht van de sneeuw van 200 kg/m2 (droge sneeuw).

Veiligheid bij sneeuverwijderen

Primair bij het verwijderen van sneeuw van de daken is de veiligheid van de mensen die op het dak de sneeuw gaan verwijderen. De toegang op het dak moet veilig kunnen plaatsvinden:
 

  1. In de onderhavige situatie is hiervoor een tijdig opgestelde traptoren gebruikt. De traptoren moet ook sneeuwvrij gemaakt en gehouden worden;
  2. Om te voorkomen dat de dakankers niet zichtbaar zijn bij sneeuw, wordt medio november een pvc koker van 500 mm hoog op het dakanker vastgezet. Deze kan na het sneeuwseizoen worden verwijderd en opgeslagen voor hergebruik;
  3. Aanbevolen wordt dooikorrels voor minimaal 2 strooibeurten gelijkmatig op het dak op te slaan in hiervoor geschikte plastic containers. Deze containers te plaatsen boven een kolom met een max. gewicht van 500 kg per container.

De mensen die de sneeuw gaan verwijderen mogen zich alleen in het veilige gebied van het dak begeven. Dat betekent dat:

  1. de dakrand tot op maximaal 4 meter betreden mag worden zonder veiligheidsmiddelen.
  2. de dakrand tot op maximaal 1 meter betreden mag worden met gebruik van veiligheidsharnas en een veiligheidslijn ingesteld op 3 meter.

 

Middelen sneeuwverwijderen

Belangrijk aandachtspunt bij de verwijdering van sneeuw van de daken is het voorkomen van beschadigingen aan de dakbedekking (deze zouden aanleiding kunnen geven tot lekkage). Toepassing van alle middelen zal altijd vooraf getoetst moeten worden bij:

  1. de dakaannemer, in verband met de garantie;
  2. de leverancier van de dakbedekking, in verband met de garantie;
  3. de constructeur, in verband met maximaal toelaatbaar gewicht.

Om de sneeuw te verwijderen worden dooikorrels toegepast die middels een handbediende strooiwagen worden verspreid en handmatig gelijkmatig over het dak worden verspreid.

De effectiviteit van de dooikorrels is afhankelijk van de samenstelling/structuur van de sneeuw. Bij gebleken onvoldoende effectiviteit wordt de sneeuw aanvullend handmatig en met een sneeuwfrees van het dak verwijderd.

Een sneeuwfrees mag niet zwaarder zijn dan ≤ 150 kg en moet zodanig ingesteld staan dat deze de dakbedekking niet beschadigd.

Aankoop of huur van een of meerdere sneeuwfrezen zal op basis van evaluatie moeten worden bepaald voor het volgende sneeuwseizoen. Bij toepassing van de sneeuwfrees wordt de sneeuw in een kruiwagen geblazen, die geleegd wordt in een container die in een kraan boven het dak hangt. Rondom de container voldoende bescherming op de dakbedekking aanbrengen om te voorkomen dat de dakbedekking beschadigd.

Na en bij toepassing van de dooikorrels en/of sneeuwverwijdering is dagelijkse monitoring / reiniging van de HWA’s noodzakelijk.

Taken, veranwoordelijkheden en bevoegdheden

Laagdikte meten

De laagdikte van de sneeuw moet dagelijks gemeten worden, zodra vastgesteld wordt dat de laagdikte de kritische hoogte rond de 100 mm1 bereikt en/of verwacht wordt.

De meting wordt verricht door de gebouwgebruiker ter plaatse (7 dagen per week).

 

Telefoon- en actielijst

 

Actie

 

Telefoonnummer

 

1.

Gebouwgebruiker meet actuele sneeuwhoogten.

 

 

2.

Indien sneeuwhoogte ≥ 100 mm1 belt gebouwgebruiker sneeuwverwijderaar

 

 

4.

Sneeuwverwijderaar start sneeuwruim werkzaamheden op bij een gemeten sneeuwlaagdikte van ≥ 100 mm1 en de weersverwachting dat verdere toename van de sneeuw niet is uit te sluiten.
De werkzaamheden vangen telkens uiterlijk (zo mogelijk eerder)  de volgende dag bij daglicht aan.

De gebouwgebruiker zal er voor zorg dragen dat tijdens de uitvoering van sneeuwruim werkzaamheden het gebouw toegankelijk is.

 

 

5.

Bij een gemeten sneeuwlaagdikte van ≥ 150 mm1 en de weersverwachting dat verdere toename van de sneeuw niet is uit te sluiten, start de sneeuwverwijderaar met handmatig en machinaal verwijderen van sneeuw. De werkzaamheden vangen telkens uiterlijk (zo mogelijk eerder) de volgende dag bij daglicht aan.De gebouwgebruiker zal er voor zorg dragen dat tijdens de uitvoering van sneeuwruim werkzaamheden het gebouw toegankelijk is.

 

 

6.

 

Bij een actuele sneeuwhoogte van 250 mm1 moeten de werkzaamheden op het dak worden gestaakt en moet het gebouw worden ontruimd.

 

 

De gebouwverhuurder of gebruiker zal erop toezien dat (voor zover de omstandigheden dit toelaten) de sneeuw binnen de vastgestelde randvoorwaarden wordt verwijderd.
Ten aanzien van de verwachte sneeuw wordt de informatie van het KNMI / weeronline.nl gebruikt.

Ruimwerkzaamheden

Voor de uit te voeren ruimwerkzaamheden zal een contract met een sneeuwverwijderaar moeten worden afgesloten dat ingaat op:  

  1. de te verwachten inzet van de partijen gedurende de week, de weekeinden en feestdagen;
  2. de verantwoordelijkheid van de partijen in geval de sneeuwval hoger is dan de ruimsnelheid;
  3. verantwoordelijkheden van de partijen in geval van schade aan de dakbedekking als gevolg van de ruimwerkzaamheden.

Voor de uitvoering van de ruimwerkzaamheden (handmatig en machinaal) moet door de sneeuwverwijderaar een draaiboek worden aangeleverd waarin de navolgende documenten zijn opgenomen:

Nr.

Omschrijving

1.

Planning

2.

Huishoudregels locatie

3.

Bouwplaatsindeling

4.

Risico-inventarisatie werkzaamheden

5.

V&G plan

6.

BHV plan

7.

Brandveiligheidsprocedure

8.

Calamiteiten procedure

9.

Mandagen register

10.

Kwaliteitsbewaking uitvoering

11.

Verzekering

12.

Overige

 

Ervaringen

De ervaringen met de uitvoering van sneeuw verwijderen, overeenkomstig een protocol als beschreven in dit artikel, zijn positief te noemen. In algemene zin blijkt echter dat ondanks alle voorzorgsmaatregelen wel dat de daken, ongeacht of er nu sprake is van een bitumen of kunststof dakbedekkingsysteem, bij het handmatig verwijderen van sneeuw niet ongeschonden uit de strijd komen.

Bijzondere aandacht aan het voorkomen van beschadigingen is nodig om te voorkomen dat zodra de dooi invalt het dak onderhavig is aan lekkages.

Wilt u deze tekst in opgemaakte vorm lezen met foto's, klik dan deze link aan, dan ontvangt u de tekst in een PDF bestand



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam