Roofs 2009-01-14 VROM-Inspectie presenteert Actieagenda Constructieve veiligheid

Tijdens een bijeenkomst in het Bouwhuis te Zoeter­meer presenteerde VROM-Inspectie op 26 november 2008 een Actieagenda met als titel ‘Weg met de zwakke schakels’. Tevens presenteerden een aantal andere bouwgerelateerde organisaties de eigen bijdrage aan constructief veiliger bouwen.

Dat het nodig is actie te ondernemen, werd aan het begin van de bijeenkomst treffend geïllustreerd door Paul Smeets. Hij was als aannemer betrokken bij het drama met de balkons van het Patio Sevilla te Maastricht. Deze stortten op 24 april 2003 naar beneden met twee doden als gevolg. Hij zette uiteen dat dit heeft kunnen gebeuren door het grote aantal partijen dat bij de bouw van het appartementencomplex was betrokken (o.a. naast de Nederlandse architect twee Spaanse en aparte constructeurs voor de breedplaatvloeren, isokorven en balkonplaten). De wijzigingen die in de uitvoeringsfase nog zijn doorgevoerd zijn tussen al deze partijen onvoldoende gecommuniceerd.

Smeets: “Iedereen kent het spelletje waarbij men een boodschap van de een naar de ander moet overbrengen, waarna aan het eind van de keten een heel andere boodschap resteert. Iets soortgelijks is hier aan de hand geweest, met desastreuze gevolgen.” Zoals gezegd waren er twee doden te betreuren. De betrokken constructeur is veroordeeld wegens ‘dood door schuld’. De economische schade liep in de miljoenen euro’s en het familiebedrijf Smeets Bouw moest na 85 jaar worden verkocht als gevolg van de nasleep van het drama.

 

Onafhankelijke private partij
Harry Paul van VROM-Inspectie stelde dat Patio Sevilla geen incident was. Daarvoor en daarna zijn diverse andere gevallen geweest, o.a. met instortende daken, waarbij we van geluk konden spreken dat er geen dodelijke slachtoffers bij gevallen zijn. Paul stelde dan ook dat de bouw structureel anders dient te worden georganiseerd om in de toekomst dit soort ongelukken te voorkomen. “De normen in het Bouwbesluit voldoen in vrijwel alle gevallen,” zei hij. “De  problemen ontstaan in de uitwerking. Het ontbreekt de verschillende bouwpartijen tijdens de uitvoering aan overzicht. Tevens staat iedereen onder grote tijdsdruk, wat het maken van fouten in de hand werkt. Momenteel fungeert het Bouw- en Woningtoezicht (BWT) van de afzonderlijke gemeenten als sluitstuk van een bouwwerk. Maar deze dienst werkt steekproefsgewijs en is dan ook geen garantie dat er geen bouwfouten worden gemaakt.”

Paul deelde de aanwezigen mee dat het ministerie van VROM momenteel werkt aan een experiment als reactie op het voorstel van de Commissie Dekker om de gemeentelijke Bouwbesluittoets af te schaffen. (Voormalig) minister Vogelaar had beloofd nog voor het kerstreces met een plan daarvoor te komen.  In dit experiment zouden in plaats van de Bouwbesluittoets alle partijen in de bouw hun verantwoordelijkheid dienen te nemen en bijvoorbeeld bij elk project een onafhankelijke private partij moeten worden betrokken die controleert of een gebouw constructief op een veilige manier wordt gebouwd.

 

Registratiesysteem
In het recente verleden stortten als gevolg van wateraccumulatie of sneeuwlast daken in die, als ze hadden voldaan aan de bouwregelgeving, nooit hadden mogen instorten. Dik-Gert Mans van CUR Bouw & Infra was nauw betrokken bij het onderzoek naar deze daken en wees erop dat alle niveaus in de bouwketen van belang zijn. Op microniveau (individueel handelen/vakmanschap), op mesoniveau (de (project)organisatie) en macroniveau (gewoonten, cultuur en regelgeving). Lastig daarbij is, dat na oplevering van een bouwwerk de verschillende onderdelen niet meer zichtbaar zijn; er is bij problemen dus een specialistische analyse nodig om een uitspraak over de aard van het probleem te kunnen doen en de uitgangspunten van een ontwerp liggen vaak niet eenduidig vast.

In  vervolg hierop lanceerde Mans officieel het Platform Constructieve Veiligheid, dat in het leven is geroepen door VROM, Bouwend Nederland en ONRI. De ambitie van het Platform is dat binnen afzienbare tijd aandacht voor en borging van constructieve veiligheid vanzelfsprekend is; hier zal het platform op verschillende manieren voor ijveren. Hierbij hoort een registratiesysteem waarbij bouw- en constructiefouten kunnen worden gemeld. De pilot is onder leiding van TNO van start gegaan onder de naam Aanpak Bouwincidenten Constructieve veiligheid (ABC). Op de website www.abcmeldpunt.nl kunnen organisaties middels een aanmeldingsformulier bouwfouten melden. Tevens is de website www.platformconstructieveveiligheid.nl in het leven geroepen.

 

Onderzoek ingestorte gebouwen
15 ‘nog niet ingestorte gebouwen’ zijn in opdracht van VROM-Inspectie door Adviesbureau KplusV onderzocht. Directeur Louis Rings lichtte toe dat het onderzoek zich met name richtte op de mate van borging van de constructieve veiligheid. Slechts bij vier van deze gebouwen was de constructieve veiligheid ‘goed’ te noemen. Bij deze projecten was sprake van een opdrachtgever die nauw betrokken was en die veiligheid hoog in het vaandel heeft. Bij twee van de 15 gebouwen was de situatie ‘slecht’: de opdrachtgever was niet bij het project betrokken maar had een bouwmanagementbureau in de arm genomen, waarmee een focus op tijd en kosten was komen te liggen. Bij de overige projecten was constructieve veiligheid niet structureel geregeld, maar afhankelijk van individuele interesse.

Constructieve veiligheid moet dus beter worden geregeld dan momenteel het geval is. Rings waarschuwde echter voor het verschijnsel dat men in ziekenhuizen aantreft en wat een ‘MIPje’ is gaan heten. MIP is het registratiesysteem voor incidenten met patiënten. Als nu iemand uit het bed valt, wordt het afgedaan met het invullen van een formulier. Rings: “De bouw moet de problemen niet alleen benoemen, maar er ook werk van maken dat de problemen worden aangepakt.”

 

Een goed begin is het halve werk
In vervolg hierop presenteerde Dick Stoelhorst, voorzitter van de Betonvereniging, het Compendium Aanpak Constructieve Veiligheid. “We weten best hoe het moet,” stelde Stoelhorst. “En we hebben het allang in verschillende documenten vastgelegd. We hebben gemeend dat het niet nodig was hier nog een nieuwe publicatie aan toe te voegen. Wél was het nodig de verschillende beschikbare publicaties bij elkaar te voegen, zodat een overzichtelijk document ontstaat. Vandaar een Compendium. Onder het motto ‘Een goed begin is het halve werk’ moeten de afzonderlijke bouwpartijen de krachten bundelen en op elkaar afstemmen.”

Als laatste spreker bekende Jan Fokkema van de Vereniging van Nederlandse Projectontwikkeling Maatschappijen (NEPROM) dat constructieve veiligheid bij de vereniging niet hoog op de agenda staat. Niet omdat men het niet belangrijk vindt, of omdat men het niet serieus zou nemen, maar omdat ervan uit wordt gegaan dat alles goed is geregeld. Om hier verandering in te brengen en op een structurele manier met constructieve veiligheid aan de slag te gaan, introduceerde Fokkema de Gedragscode Constructieve Veiligheid voor opdrachtgevers, die op de site van de vereniging is te downloaden.

Na een korte vragenronde, die uitmondde in een discussie over de verschillende verantwoordelijkheden, ging men over tot het ondertekenen van de Actieagenda Bouw van VROM-Inspectie. Hiermee committeerden alle partijen in de bouwketen zich in te zetten om te komen tot een constructief veilige bouwpraktijk.

Wilt u deze tekst in opgemaakte vorm lezen met foto's, klik dan deze link aan, dan ontvangt u de tekst in een PDF bestand



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam