Roofs 2008-03-03 The Architect Sketch

Waarschijnlijk kent u allemaal het verschijnsel. Ook als je met heel andere dingen bezig bent, dringt het dak zich onmiskenbaar aan je op. Luister naar een liedje op de radio en de zanger zingt dat de ‘rain is crying on his shingles’. Kijk naar een detectiveserie op tv en de cruciale getuige van een moord blijkt een dakdekker te zijn, die vanaf zijn werkplek bij de overkant naar binnen keek. Enzovoorts.

Zo zat ik laatst met vrienden te kijken naar een aflevering van Monty Python’s Flying Circus.  Momenteel wordt immers het hele oeuvre van John Cleese en de zijnen op dvd uitgebracht, wat voor mijn vriendengroep reden was een nieuwe traditie in te stellen. Eens in de zoveel tijd komen we bij elkaar om onder het genot van een drankje en een hapje een paar afleveringen van Monty Python’s Flying Circus te bekijken. Dit bij voorkeur op vrijdagavond, zodat het weekend tenminste op een beetje een vrolijke manier begint. Toch zat ik halverwege de vierde aflevering van het tweede seizoen (1970!) ongemerkt weer aan mijn werk te denken. De klacht dat de opdrachtgever onvoldoende in de kwaliteit van zijn gebouw investeert is kennelijk van alle tijden en werd op bijzonder humoristische wijze voor het voetlicht gebracht.

We waren namelijk aanbeland bij ‘The Architect Sketch’. Een hilarische sketch waarin twee architecten hun ontwerp van een flatgebouw bij de opdrachtgever dienen toe te lichten. De eerste architect lijkt een prima ontwerp te hebben tot hij een systeem begint uiteen te zetten waarbij de huurders middels een ingenieus transportsysteem naar twee roterende messen worden vervoerd. De architect was gespecialiseerd in abattoirs. De opdrachtgever wijst het ontwerp vriendelijk maar beslist af: “We wilden een gewoon flatgebouw.” En de arme architect moet, zijn driftaanval en smeekbedes ten spijt, het veld ruimen.

Ook bij de tweede architect lijkt alles in eerste instantie prima in orde, tot hij het over de centrale steunpilaar heeft. De maquette valt spontaan om. “Misschien heeft het pilaarsysteem wat versteviging nodig,” zegt de verbouwereerde architect. “Wordt dat dan duurder?” vraagt de opdrachtgever ongerust. “Dat zou goed kunnen,” is het voorzichtige antwoord. “Ach,” besluit de opdrachtgever. “Het zijn toch geen luxe appartementen? Als de gebruikers niet te zwaar zijn, niet teveel bewegen, en als het weer goed blijft, hebben we een prima gebouw. Gefeliciteerd!”

Absurde humor. Maar, zoals zoveel sketches van Monty Python, het is geen onzin. Sterker nog, de sketch lijkt bijna veertig jaar later nog steeds een reactie op de hedendaagse bouwpraktijk.

Meerdere aspecten van de sketch vond ik frappant. Ik moest eerst nog denken aan de Marketingrapportage Dakenbranche, die in het februarinummer van Roofs werd gepubliceerd, en waaruit blijkt dat de architect een veel kleinere rol speelt in de uiteindelijke beslissing welk materiaal er op een dak komt dan tot nu toe vrij algemeen werd aangenomen. Gek, dat dan toch iedereen zich op de architect richt! Maar er zijn nog veel frappantere raakvlakken met de hedendaagse dakenbranche te herkennen in de sketch van Monty Python. Zo is het bijvoorbeeld grappig dat de eerste architect zich niet kon losmaken van zijn specialisme: hij had een slachthuis ontworpen omdat hij dat nu eenmaal zijn hele leven had gedaan. Het is inherent aan een specialisme dat men zich concentreert op waar hij het beste in is. Maar het is af en toe ook gezond eens buiten dat specialisme te kijken.

Maar het meest opvallend is wel het gegeven dat de opdrachtgever in de sketch besluit niet te investeren in de stevigheid en veiligheid van het gebouw, en er op rekent dat de gebruikers van het gebouw niet teveel bewegen (en het weer goed blijft). Dit blijft, ook in deze (vooralsnog) economisch gunstige tijden, een bekend verhaal. Een gebouw moet zo goedkoop mogelijk worden gerealiseerd en dat maakt dat de grenzen worden opgezocht van wat wel en niet kan. Nog steeds storten bij een stevige regenbui een handvol daken in. Nog steeds vliegen er bij een stevige windvlaag de dakpannen in het rond. Hoeveel gebouweigenaren lopen er in Nederland rond, die hopen dat de gebruikers niet te zwaar zijn, niet teveel bewegen en dat het weer goed blijft?

Zo lachte ik eventjes iets minder hard dan mijn vrienden. Gelukkig ging ‘The Architect Sketch’ over in ‘How to Give Up Being a Mason’. Een sketch waar ik met de beste wil van de wereld geen relatie met de daken­branche in kon ontdekken.

 

Edwin Fagel



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam