Roofs 2007-04-16 “De dakenbranche moet pro-actief zijn

 

Wereldwijd staat de zorg om de huidige klimaatverandering hoog op de agenda. Denk maar aan de milieufilm van Al Gore, de recente klimaattop van de Europese Unie en de groene meerderheid in ons nieuwe kabinet. In dit artikel gaan we in op zonne-energie en op de vraag wat de dakenbranche kan doen om in te spelen op toekomstige ontwikkelingen op dit gebied. Een interview met prof.dr. Wim Sinke van ECN.

 

Klimaatverandering is tegenwoordig een hot issue, nietwaar?
Sinke: “Ja zeker. Op de EU-klimaattop begin maart in Brussel sloten de regeringsleiders en staatshoofden van de 27 EU-landen een akkoord over een gezamenlijk klimaatplan. Afgesproken werd onder meer dat 20% van alle energie in 2020 ‘schoon’ moet zijn, d.w.z. afkomstig uit hernieuwbare energiebronnen als zon, wind, biomassa, water en aardwarmte.”

 

Welke rol is daarbij weggelegd voor zonne-energie?
“Zonne-energie is wereldwijd op lange termijn de meest veelbelovende vorm van duurzame energie, maar er moet nog veel gebeuren voor er sprake kan zijn van grootschalige toepassing. Het zal nog tot na 2020 duren voordat zonnestroom net zo goedkoop is als gewone, ‘grijze’ stroom. Een langetermijnvisie is daarom nodig. Toch moeten we vandaag al stevig inzetten op de technische ontwikkeling, productie en toepassing. De mondiale markt is de afgelopen tien jaar met gemiddeld meer dan 35% per jaar gegroeid en dat is nog maar het begin. Ook Nederlandse bedrijven hebben zich in de strijd geworpen, maar zij worden daarin nog niet in de rug gesteund door helder en inspirerend overheidsbeleid. Als we afwachten, zijn de kaarten geschud en missen we economische kansen. Bovendien missen we daarmee de mogelijkheid om tijdig ervaring op te doen met het toepassen van zonne-energie. Geleidelijke introductie en leren in de praktijk zijn absoluut noodzakelijk, want we spreken hier over een nieuwe, decentrale manier om energie op te wekken. Ons land heeft een uitstekende kennispositie en ambitieuze ondernemers, dus laten we zo snel mogelijk aan de slag gaan.”

 

Welke rol kan de dakenbranche daarin spelen?
“Ik zou graag zien dat de dakenbranche een pro-actieve houding aanneemt. Om begrijpelijke redenen is men momenteel nog vrij afwachtend, maar zonne-energie komt eraan, daar ben ik van overtuigd. Er zou nauw samengewerkt en overlegd moeten worden met de producenten van zonnepanelen en installatiematerialen en met de energiesector over zowel de ‘bottlenecks’ als de mogelijkheden. Denk hierbij aan zaken als:

  1. Gemak van installatie van de panelen (en van eventuele latere vervanging of onderhoud).
  2. De functies van panelen op het dak op langere termijn: alleen elektriciteitsopwekking, of misschien toch ook waterkering, bijvoorbeeld? Daarbij spelen zaken als garantie en veiligheid een belangrijke rol.
  3. De combinatie van zonnepanelen en platte daken. Er zijn verschillende toepassingsvormen mogelijk. Welke moeten worden doorontwikkeld en hoe kunnen we er bijvoorbeeld voor zorgen dat onderhoud en renovatie goed mogelijk blijven?
  4. De esthetische kwaliteit van het geheel: Als je in de toekomst uit het raam kijkt zie je altijd wel ergens zonnepanelen op of aan gebouwen, tenminste, wil zonne-energie een significante bijdrage leveren aan onze energievoorziening. De panelen en de systemen moeten er dan wel heel fraai uitzien, want anders wordt het niets.
  5. De vraag: wie is er aansprakelijk als er iets is met het systeem? In de termen van vandaag: de elektricien, de loodgieter of de dakdekker? Ik kan mij voorstellen dat de rollen en de rolverdeling veranderen. De hele infrastructuur van installatie, beheer en onderhoud moet goed geregeld zijn. Denk hierbij ook aan verzekeringen en garanties.

De dakenbranche zou samen met de andere betrokken sectoren op zoek moeten gaan naar oplossingen, en overleggen over de mogelijkheden van het product. Sommige bedrijven doen dit gelukkig al, maar het gebeurt nog niet structureel. Te vaak ziet de dakdekker het paneel pas wanneer het op het dak komt. Dat is geen kritiek op die bedrijven, maar illustreert wel dat de toepassing van zonne-energie bij ons nog in de kinderschoenen staat.”

Welke rol speelt de overheid bij het stimuleren van productie en implementatie van zonnepanelen?
“De overheid speelt een belangrijke rol bij het overbruggen van de periode totdat de zonne-energiemarkt zelfdragend is en geen directe steun meer nodig heeft. Een vorm van marktstimulering door de overheid is de komende tien jaar noodzakelijk. Het advies van Holland Solar, de Nederlandse branchevereniging voor zonne-energie is om dit te doen in de vorm van terugleververgoedingen: een vastgestelde en voor jaren gegarandeerde vergoeding voor geleverde energie. Een vergelijkbaar systeem bestaat nu reeds jarenlang in Duitsland en andere Europese landen, en heeft zijn nut daar ruimschoots bewezen.

Marktstimulering in de vorm van gegarandeerde terugleververgoedingen heeft de voorkeur boven die van subsidie op de aanschaf (zoals tot eind 2003 in Nederland het geval was). [Zie hierover ook Roofs 3-2007, p. 24-27] Over de invoering van een dergelijk systeem vindt momenteel overleg plaats met diverse ministeries.”

Zou het helpen als de overheid zou verplichten tot het plaatsen van een vastgesteld aantal panelen per X m2 dak?
“Een verplichting is in dit stadium van ontwikkeling niet de beste maatregel en zeker niet in zo’n rigide vorm. De plaatsing van zonnepanelen in de komende jaren is vooral een oefening voor later als het écht grootschalig wordt. Het belangrijkste is dat er een goede basis wordt gelegd; ervaring en vertrouwen worden opgebouwd. Een aantrekkelijk uiterlijk, goede technische installatie, duidelijke garanties en verzekeringen en goed onderhoud zijn daarom belangrijker dan het plaatsen van zoveel mogelijk zonnestroomsystemen tegen ‘elke prijs’, meestal dus de laagste kosten. De nadruk moet de eerste tijd primair liggen op kwaliteit, in de brede zin van het woord. Kwantiteit als hoofddoel komt later, wat trouwens niet wil zeggen dat we nu geen ambitie moeten tonen, laat dat wel duidelijk zijn.”
[SdW]

 

ECN
Het Energieonderzoek Centrum Nederland ECN te Petten voert in opdracht van overheid en bedrijfsleven onderzoek uit op het gebied van duurzame energievoorziening (o.a. zonne-energie, windenergie, biomassa en waterstof). Prof.dr. Wim Sinke (1955) werkt sinds 1990 bij ECN, op het gebied van zonne-energie. Op deze afdeling worden zonnecellen en –panelen (modules) ontwikkeld met het doel om het omzettingsrendement te verhogen en de prijs/prestatieverhouding te verbeteren.

Wilt u deze tekst in opgemaakte vorm lezen met foto's, klik dan deze link aan, dan ontvangt u de tekst in een PDF bestand

 



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam