Roofs 2007-01-40 Bouwwereld moet structureel veranderen

De bouw werd de afgelopen jaren met enige regelmaat opgeschrikt door ernstige incidenten, dikwijls met grote maatschappelijke gevolgen. De problemen rond het Bos en Lommerplein zijn bekend, ook de instortende daken van november 2005 en de instortende balkons in Maastricht liggen nog vers in het geheugen. De incidenten zijn zo talrijk, dat we beter kunnen spreken van een structureel probleem. Hoe voorkomen we dit soort ongelukken in de toekomst?

 

Een geruchtmakende uitzending van Zembla op 10 december 2006 onderschrijft de analyse die al eerder in verschillende media, o.a. de Roofs, naar voren werd gebracht. In dit artikel worden alle aspecten nog eens op een rijtje gezet en wordt opgeroepen tot het nemen van maatregelen. Het wachten is immers op het volgende grote incident, en we mogen alleen maar hopen dat daar geen doden en gewonden bij zullen vallen.

 

Incidenten
Wie nog denkt dat er niets aan de hand is met de bouw, hoeft maar een vluchtige blik te werpen op de reeks incidenten van de afgelopen jaren om van het tegendeel overtuigd te raken. Dit jaar werd bijvoorbeeld de bouw van respectievelijk een sporthal in Zaandam en een bibliotheek in Almere stilgelegd wegens bouwfouten. Ook bleek bij een parkeergarage in het Amsterdamse Osdorp hetzelfde aan de hand als op het Bos en Lommerplein. Andere in het oog springende incidenten waren bijvoorbeeld de instortende daken in het oosten van het land (2005), de instortende balkons in Maastricht (2003), het instortende parkeerdak van een Van der Valk-hotel in Tiel (2002) en het ingestorte dak van IKEA Amsterdam (2002).

Dit zijn alleen nog maar de incidenten die het nieuws halen, het werkelijke aantal ligt veel hoger. De fouten die in de bouw in ontwerp en/of uitvoer worden gemaakt, betekenen volgens een schatting van de Universiteit Nijenrode jaarlijks een kostenpost  van zo’n 10 tot 15 miljard euro. Bij de meeste incidenten ontstonden bovendien levensgevaarlijke situaties waarbij het een kwestie van toeval was dat er geen gewonden of doden vielen. In Maastricht vielen twee doden toen de balkons van een appartementencomplex naar beneden kwamen.

De problemen op het Bos en Lommerplein zijn illustratief voor de problemen in de bouw. Er zijn ontwerpfouten gemaakt, fouten in de uitvoering, het toezicht was (kwalitatief) ontoereikend, de dossiers van de inspectie waren niet compleet en de bouwvergunningen waren niet op orde. Al tijdens de bouw signaleerde VROM-inspectie dat er zaken niet goed gingen, de gemeente heeft daarop echter geen actie ondernomen. De gevolgen zijn bekend: op 1 februari 2006 zakte een vrachtwagen die de op het plein gelegen winkels wilde bevoorraden met de achterwielen door het dak van een parkeergarage aan het Bos en Lommerplein. Uit het onderzoek dat daarop volgde, bleek dat de staat van zowel het parkeerdak als de naastgelegen woningen door ontbrekende wapening in het beton dermate onveilig was, dat evacuatie noodzakelijk was. Op 11 juli 2006 moesten de bewoners hals over kop hun huis verlaten, om pas met de kerstdagen weer terug te kunnen keren.

 

Puzzel
Hoe kunnen dit soort problemen ontstaan? De organisatie binnen de bouw is er op gebaseerd dat de markt zichzelf controleert. Daar blijkt in de praktijk niet veel van te komen. Bij de problemen komen aan het licht dat er in deze gevallen niet goed wordt ontworpen, dat de uitvoering zeer te wensen overlaat en dat de problemen niet of te laat worden gesignaleerd. Vaak is ook niet meer te achterhalen wie waarvoor verantwoordelijk is.

De blunders die worden gemaakt, tonen aan dat men niet zonder meer mag vertrouwen op de deskundigheid van de bouwer. Deels is dit het gevolg van de versnippering van de bouw. Elke partij is bezig met het eigen onderdeel, de eigen specialisatie, en niemand let op de ander. Een bouwwerk is misschien het beste te vergelijken met een enorme puzzel waar iedereen onder hoge tijdsdruk het eigen puzzelstukje maakt en aan het einde van dat proces maar hoopt dat alle puzzelstukjes in elkaar passen. Daar komt bij dat men algemeen gesproken teveel vertrouwen heeft in de computer; het gezond verstand wordt in veel gevallen vergeten. Bij de meeste incidenten geldt, dat als slechts een deel van de bouwketen naar behoren had gefunctioneerd, er waarschijnlijk niets gebeurd zou zijn. Doordat het overzicht ontbreekt, kunnen onduidelijke situaties en momenten van onoplettendheid catastrofale gevolgen hebben. Er is immers meestal geen coördinator op de bouwplaats aanwezig en het toezicht vindt enkel steekproefsgewijs plaats. Met name op grote projecten kan dit leiden tot grote fouten met ver strekkende gevolgen.

 

Maatregelen
De vraag dient zich aan: hoe is het mogelijk dat de bouwwereld, die toch samenhangt van de regels, normen en voorschriften, kennelijk niet in staat is in alle gevallen en in elke situatie een bouwwerk af te leveren dat voldoet aan de minimale eisen voor constructieve veiligheid? Bij elk incident wordt met de beschuldigende vinger gewezen naar de verantwoordelijke aannemer, uitvoerder, ontwerper of leverancier en deze moeten zich dan bij de rechter of televisieprogramma’s als Zembla komen verantwoorden, maar in feite is het een probleem van de hele bouw. Zolang er geen structurele veranderingen komen in de cultuur en de organisatie van de gehele bouwwereld, kunnen dit soort incidenten overal plaatsvinden, en kan elke bouwondernemer vroeg of laat in het beklaagdenbankje komen te zitten.

Alle pogingen en initiatieven ten spijt, is de bouwwereld kennelijk zelf niet in staat om deze veranderingen in gang te zetten. Het initiatief dient daarom te komen van het Ministerie van VROM. De oplossingen zijn relatief eenvoudig. De normen en regels voor de bouw voldoen. Het probleem zit hem in de coördinatie, de controle en de transparantie. Als de bouwer al voordat hij met het werk begint zelf de plannen op uitvoerbaarheid laat controleren, dan is er al een heleboel gewonnen. De overheid zou een wet kunnen invoeren die regelt dat een bouwvergunning pas wordt verstrekt als is aangetoond dat alle bouwplannen in orde zijn. Ook zou men de aanwezigheid van een coördinator op de bouwplaats verplicht kunnen stellen.

Tot nu toe is hier echter zowel bij de overheid als binnen de bouwwereld weinig animo voor. Wellicht dat een volgend kabinet op dit punt wat meer daadkracht toont en de broodnodige veranderingen binnen de bouw in gang kunnen worden gezet. De bouw kan zich na de Bouwfraude en de reeks incidenten in de afgelopen jaren geen nieuwe misstappen veroorloven.

 Wilt u deze tekst in opgemaakte vorm lezen met foto's, klik dan deze link aan, dan ontvangt u de tekst in een PDF bestand.



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam