Roofing Holland 1998-05-31 Weet wat u bestelt!

Ergens in 1989 plaatst onze dakdekker, die we verder gemakshalve Dakstra zullen noemen, een bestelling bij de hem bekende leverancier van bitumineuze dakbedekkingen, die we de naam Rolland geven. Dakstra bestelt enige honderden APP gemodificeerde brandrollen, mat, met NDA kwaliteitseis VB 460 B 14. De bestelling gaat telefonisch, waarbij Dakstra in het kort heeft uitgelegd waarvoor hij de rollen nodig heeft.

Er wordt geleverd door Rolland die overigens op haar beurt het materiaal uit Italië haalt. Dakstra ontvangt met de levering van de rollen ook een folder die Rolland over het materiaal heeft laten maken en waarin alle goede eigenschappen van het product worden opgesomd. Nadat Dakstra de dakbedekking heeft aangebracht ontstaan er na verloop van tijd lekkages op het bewuste dak; uiteraard wordt Dakstra voor de ontstane schade aansprakelijk gesteld, hij moet repareren en uiteindelijk zelfs het hele dak vernieuwen, hetgeen hem in totaal al gauw zo'n 100.000 gulden kost. Dakstra stelt op zijn beurt Rolland aansprakelijk en voert daartoe de volgende argumenten aan: De door Rolland geleverde brandrollen bezitten niet de eigenschappen die hij op grond van de overeenkomst mocht verwachten. Rolland wist waarvoor het materiaal gebruikt moest worden en had er daarom voor moeten zorgen dat het juiste product werd geleverd. Rolland had dus Dakstra moeten meedelen dat het door hem bestelde materiaal niet geschikt zou zijn voor het werk waarvoor het gebruikt ging worden. Rolland heeft een garantiecertificaat afgegeven waaruit blijkt van een waarborg voor de eindgebruiker, inhoudende dat deze gevrijwaard wordt voor schades ontstaan tengevolge van fabricagefouten, dat het product voldoet aan de vermelde productiespecificaties en dat het product voorts nog voor een periode van tenminste tien jaar zijn waterdichte eigenschappen zal behouden.

Dakstra heeft maar liefst vijf deskundigenrapportages laten opmaken om aan te tonen dat het door Rolland geleverde materiaal niet geschikt was voor het dak waar op het moest worden aangebracht. Rolland op haar beurt, laat zich ook niet onbetuigd en schakelt eveneens een aantal deskundigen in, die in totaal vier rapporten uitbrengen.
Voor de zekerheid wordt in de door Dakstra opgestarte procedure door Rolland ook nog eens de Italiaanse producent in vrijwaring opgeroepen en zo houden partijen elkaar een paar jaar goed bezig. Met spanning wordt er gewacht op het vonnis van de rechtbank.
Alle betrokkenen gaan er van uit dat de rechter een tussenvonnis zal wijzen, waarin hij wel zal aangeven dat er maar eens een onafhankelijk deskundige geraadpleegd moet worden die zich zal hebben te buigen over de vraag of het geleverde product nu wel of niet aan de kwaliteitseisen voldeed. Het pakt echter geheel anders uit! De rechtbank verrast vriend en vijand door direct een eindoordeel te geven, een oordeel dat gekenmerkt wordt door eenvoud. Wat, zo vraagt de rechter zich af, is de kern van de zaak. Wel, stelt hij, de hamvraag is of Dakstra gekregen heeft wat hij mocht verwachten op grond van zijn bestelling. Welnu, Dakstra is een deskundig en ervaren dakdekker die gespecialiseerd is in het aanbrengen van bitumineuze dakbedekkingen. Rolland is niet meer dan een handelsmaatschappij in dakbedekkingsmaterialen, zij het met de nodige expertise. Aangezien Dakstra het materiaal al kende omdat hij het vaker gebruikt had en niet is gebleken dat Rolland uitdrukkelijk om advies was gevraagd of het materiaal ook voor dit specifieke werk geschikt was en in ieder geval niet door Dakstra is gesteld en ook niet gebleken is dat Rolland vóór de koop wetenschap had over de beoogde toepassing en de rechtbank bovendien van oordeel is dat er op Rolland als leverancier ook geen verplichting rustte om vóór de koop bij Dakstra te informeren waarvoor het materiaal moest dienen om vervolgens spontaan adviezen te verstrekken, wijst de rechtbank de vorderingen van Dakstra af. Kortom: Dakstra heeft gewoon gekregen wat hij besteld had en wat hij daarom ook mocht verwachten te ontvangen. De rechtbank concludeert verder nog dat zij uit de gezamenlijke rapportages voldoende informatie kan halen om zelf een oordeel te vellen over de vraag of het product voldeed aan de kwaliteitseis. Het aanwijzen van een onafhankelijk deskundige acht de rechtbank niet nodig. Uit de deskundigenrapporten mag dan misschien wel blijken dat het product voor het werk waarvoor het gebruikt is, wellicht niet geschikt was (het materiaal was te dun), maar het voldeed op zich wel aan de kwaliteitseis VB 460 B 14, zodat de leverancier, Rolland dus, niets te verwijten valt, zo concludeert de rechter. Over de dikte van het materiaal was immers nooit gesproken, alleen over een kwaliteitseis en die zegt niets over deze dikte. Dakstra is dus de grote verliezer. Het feit dat het materiaal niet geschikt is gebleken voor de door hem beoogde toepassing valt in zijn eigen risicosfeer, oordeelt de rechtbank. Inmiddels is Dakstra in hoger beroep gegaan. Maar hoe de zaak verder ook mag aflopen, telefonische bestellingen zijn bij Dakstra nu uit den boze. Alles per fax, zo uitvoerig mogelijk, want nog zo'n procedure en je kunt, als eenvoudige dakdekker, je faillissement wel aanvragen.

 

door: J.C.M. Bonnier



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam