Roofing Holland 1998-03-38 Afschotproblemen op de helling

De problemen bij het aanbrengen van een afschotlaag in geval van renovatie van gecompliceerde daken zijn bekend. De diverse leveranciers van isolatiemateriaal verzorgen over het algemeen goede tekeningen voor het afschotplan waarbij tot in detail de plaatdikten en de benodigde hoeveelheden worden aangegeven. Doorvoeren, lichtstraten, afvoeren en andere 'ongerechtigheden' maken het leven van de dakdekker echter niet gemakkelijk en het werken met een uitgetekend afschotplan blijkt in de praktijk niet altijd zo snel te realiseren als van achter de tekentafel was bedacht.

 Dat er in de renovatiemarkt veel daken zijn waar het oppervlak verre van vlak is behoeft geen betoog. Deze daken dienen te worden geëgaliseerd voordat isolatie kan worden aangebracht. Voor deze egalisatie moet de dakdekker de beschikking hebben over speciale producten die de nodige drukvastheid hebben en indien mogelijk een redelijke isolatiewaarde.
Een ander fenomeen waarmee de dakdekker regelmatig wordt geconfronteerd is de aanwezigheid van leidingen boven op de dragende constructie. Met name in nieuwbouwprojecten kan men een deel van het leidingstelsel boven op het betonnen dak aantreffen. Het aanbrengen van isolatie is in dat geval zeer tijdrovend en in sommige gevallen haast onmogelijk.
Vanuit deze ervaring, alsmede de creativiteit van een aantal betrokkenen is een nieuwe isolatiemortel ontwikkeld die vanaf 1 maart in de handel is onder de naam 'Thermogran isolerende dakmortel'. In Nederland zijn in het bijzonder Thermoveen BV en Kelders Dakmaterialen BV gedurende het afgelopen jaar met dit nieuwe product in de weer geweest. Nadat het product in het laboratorium is ontwikkeld en getest zijn er inmiddels een aantal daken met de mortel afgewerkt. Eisen die tijdens de ontwikkeling aan het product werden gesteld hadden met name betrekking op het verwerkingsgemak en het beperken van het foutrisico. De producent geeft aan dat er in het fabricageproces voornamelijk aanpassingen zijn uitgevoerd naar aanleiding van aanwijzingen van de dakdekker. De betrokkenheid van de verwerker, de dakdekker bij het ontwikkelingsproces, is dan ook van essentieel belang geweest voor de totstandkoming van de uiteindelijke samenstelling en de verwerkingsvoorschriften van het product.

Thuis voelen

De producent bekent niet voldoende kundig te zijn om de verwerking en de uitvoeringsrisico's goed te kunnen beoordelen. Ook de begeleiding tijdens de uitvoering kan naar de mening van de producent beter gebeuren door mensen die zich 'thuis voelen' op het dak. Het uitgangspunt van de leverancier is dat de eerste projecten onder begeleiding worden uitgevoerd. Uiteraard zullen er na verloop van tijd een aantal dakdekkers zijn dat voldoende vertrouwd is met het product om de verwerking volledig zelfstandig uit te kunnen voeren. Begeleiding wordt bij ieder project gegeven omdat een nieuw product zich geen missers kan veroorloven. Diverse producten hebben in het verleden niet de gelegenheid gehad om fouten, die in de beginfase zijn ontstaan, te herstellen. Zelfs in die gevallen waar die fouten niet het product maar de verwerker te verwijten waren, waren de gevolgen voor het product soms desastreus.
De heer A. J. Maatkamp van Thermoveen BV, importeur van Thermogran, laat duidelijk blijken dat de introductie van het product dan ook pas heeft plaatsgevonden nadat laboratorium- en praktijktesten hadden aangetoond dat het product in de beoogde toepassing eenvoudig te verwerken is en goede resultaten oplevert.
Ten aanzien van de samenstelling heeft men eigenlijk weinig te verbergen. Om een optimaal isolerende werking te krijgen bestaat deze dakmortel voor 93% uit polyurethaan granulaat. De warmtegeleidingscoëfficiënt is 0,06 W/mK. Het granulaat wordt verkregen door met name restanten uit de productie te vermalen. Restmateriaal vindt op deze wijze een zeer nuttige toepassing zodat kan worden gesteld dat er een milieubewust product is ontwikkeld. Als grondstof wordt alleen CFK-vrij materiaal gebruikt met een hoge densiteit. Voor de binding van de vermalen polyurethaan worden cementen toegevoegd. Uiteraard is de samenstelling van deze cementen, alsmede de verhoudingen waarin de verschillende grondstoffen worden toegevoegd, van groot belang voor de kwaliteit van het eindproduct. Drukvastheid, delaminatiesterkte, droogtijd en de isolatiewaarde zijn sterk te beïnvloeden door aan de receptuur en de kwaliteit van de grondstoffen 'te sleutelen' maar het product dat nu op de markt is, is optimaal voor de verwerking op het dak.

Eenvoudiger

De mortel wordt niet uitsluitend bij renovatie gebruikt voor afschotcorrectie of egalisatie. Ook in nieuwbouwsituaties is het aanbrengen van afschot in sommige gevallen eenvoudiger met een mortel dan met isolatieplaten. Gecompliceerde dakvormen of onregelmatige ondergronden zijn voor de dakdekker zeer tijdrovend en vaak ook materiaal verslindend. In combinatie met vlakke platen kunststofschuim of in meerdere lagen aangebracht kan het product praktische problemen verminderen zonder dat er afbreuk wordt gedaan aan kwaliteit.
Maatkamp benadrukt nogmaals dat als grondstof gerecycled polyurethaan wordt gebruikt. Dat milieuzorg niet uit het oog wordt verloren blijkt uit het feit dat men de zakken waarin de droge mortel wordt aangeleverd voor hergebruik terugneemt.
Op het werk wordt aan de droge grondstof, aangeleverd in zakken van 75 liter, 20 liter water toegevoegd om de chemische reactie op gang te brengen die nodig is voor de uitharding van het cementen bestanddeel. Met één zak kan een laag van 5 cm worden aangebracht op een oppervlak van 1 m2. In een arbeidsgang kan maximaal een laag van 10 cm worden aangebracht maar indien nodig kan er in een volgende arbeidsgang een tweede laag worden aangebracht. De isolerende dakmortel kan bijvoorbeeld worden gemengd met een dwangmenger. Een vloerenleggerspomp kan worden gebruikt om de aangemaakte mortel op het dak te verspreiden. Op korte termijn kan een mobiele bulkmenger worden ingezet waarmee 1000 m2 per dag kan worden aangebracht.
Nadat het materiaal is verdeeld en afgevlakt moet het worden aangedrukt om een drukvast en egaal oppervlak te krijgen. De maximale drukbelasting bedraagt 300 kPa.

Waterdicht

Indien het dak waterdicht wordt afgewerkt met een gekleefde dakbedekking moet de mortel worden afgevlakt met een dun vloeibare egalisatiemortel waardoor een glad oppervlak ontstaat. Voor een optimale hechting van de dakbedekking aan de ondergrond moet deze laag vervolgens worden voorzien van een bitumineuze hechtprimer. Zowel de egalisatiemortel als de hechtprimer zijn o.a. van belang voor de windvastheid van het dakbedekkingspakket.
Losliggend geballaste en mechanisch bevestigde systemen kunnen worden aangebracht zonder dat de egalisatiemortel wordt toegepast. Het oppervlak van de isolerende dakmortel is voldoende glad om deze systemen aan te brengen en de windvastheid komt niet in het geding. Verbazingwekkend is de uittrekwaarde van een gasbetonparker in een 4 cm dikke laag. In geval van een mechanisch bevestigd systeem kan dan ook direct in de Thermogran worden geschroefd. Zoals voor de meeste mechanisch bevestigde systemen wordt echter duidelijk gemaakt, dat een uittrekproef moet worden gedaan alvorens met de bevestiging kan worden begonnen. Aan de hand van het proefresultaat wordt een berekening gemaakt voor het aantal bevestigers in de verschillende dakzones. Dakdekkers moeten deze uittrekproef overigens ook laten uitvoeren wanneer een 'gewoon' isolatiemateriaal wordt toegepast omdat de uittrekwaarde geen standaard gegeven is. De kwaliteit van de ondergrond varieert dusdanig dat voor beton, gasbeton en ook voor hout in principe een uittrekproef moet worden gedaan. In de praktijk wordt vaak verzuimd om de leverancier van de bevestigingsmiddelen te benaderen. De gevolgen van verkeerde bevestiging zijn blijkbaar niet voldoende bekend of niet ernstig genoeg om de dakdekker van de noodzaak te doordringen.
Volgens Maatkamp is het een groot voordeel dat het materiaal relatief droog wordt verwerkt. De uithardingsperiode is redelijk kort en de dakvloer is na twee dagen goed begaanbaar. De afwerking kan dan ook na deze twee dagen plaatsvinden. Bij een onverhoopte regenbui tijdens het aanbrengen blijft het zojuist aangebrachte materiaal liggen en kan de afwerking in een later stadium alsnog plaatsvinden zonder dat er extra handelingen moeten worden verricht ten aanzien van de eerder aangebrachte laag. Men moet echter altijd twee dagen droog weer hebben alvorens de waterdichte laag kan worden aangebracht. Ingesloten vocht zou problemen kunnen veroorzaken als de dakbedekking te vroeg wordt aangebracht. Voor de waterdichte afwerking kan zowel gebruik worden gemaakt van bitumineuze als kunststof dakbedekking.

Lekkages

Het eerste grote werk is in augustus uitgevoerd. Een flat in Arnhem met dakoppervlak van 975 m2 moest worden gerenoveerd vanwege diverse lekkages. Het losliggend geballaste dak was voorzien van een groot aantal dakdoorbrekingen en het oppervlak was zeer onregelmatig. Het afschot liet te wensen over en diende dan ook te worden hersteld. Na overleg tussen de leverancier, de dakdekker en de opdrachtgever is besloten om het afschot te corrigeren middels een isolerende mortel. De opdrachtgever had bij de beslissing niet alleen oog voor de prijs maar zeer zeker ook voor de kwaliteit van het eindresultaat. Nadat het losliggende grind was verwijderd is de bestaande bedekking schoon gemaakt waarna de dakmortel kon worden aangebracht. Daartoe werd het gemengde product middels een pomp op het dak aangebracht, vervolgens verdeeld, afgevlakt en aangedrukt. Ondanks het slechte weer kon de isolerende dakmortel worden aangebracht. Na twee dagen droogtijd is de mortel voorgesmeerd met een primer en afgewerkt met een tweelaagse bitumineuze dakbedekking.



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam